Nieuwe regels:
dit is wat ze betekenen voor je gezin

We hopen natuurlijk dat je in goede gezondheid je pensioen haalt. En dat je daar nog jaren van kunt genieten. Maar stel: je overlijdt. Dan is het fijn om te weten dat het goed is geregeld voor je eventuele partner en kinderen. Ook met de nieuwe regels voor pensioen.

 

Zo werkt het straks
Kom je te overlijden? En heb je een partner? Dan krijgt je partner een uitkering van ons: het partnerpensioen. Heb je ook kinderen? Dan krijgt elk kind een wezen­pensioen tot je kind 25 wordt. Je salaris bepaalt straks de hoogte van het partner- en wezenpensioen.

Een andere belangrijke verandering: in de nieuwe regeling is er geen opbouw van partner- en wezenpensioen, maar is het voor je verzekerd. Verlaat je de sector? En bouw je geen pensioen op bij een nieuwe werkgever? Dan loopt de verzekering maximaal zes maanden door, zonder dat je daarvoor betaalt. Ontvang je een werkloosheids- of ziektewetuitkering? Dan blijf je verzekerd zolang de uitkering loopt, met een maximum van twee jaar. Je kunt de verzekering ook vrijwillig laten doorlopen. De kosten houden we vanaf dat moment in op je pensioenpot.

 

Extra zekerheid voor je partner
Ook in de nieuwe regeling kun je kiezen voor tijdelijk extra partnerpensioen (ook wel Anw-hiaatpensioen genoemd). Jij of je werkgever betaalt dan maandelijks een premie voor deze verzekering. Daarmee krijgt je partner een extra uitkering als je overlijdt. Dus boven op het gewone partnerpensioen. En boven op een eventuele Anw-uitkering van de overheid. Het tijdelijk extra partnerpensioen loopt door tot je partner de AOW-leeftijd bereikt.  

Dit krijgen je partner en kinderen als je overlijdt

Zolang je werkt in deze sector

  • Je partner krijgt 20 procent van het salaris dat meetelt voor je pensioen. Plus het partner­pensioen dat je mogelijk hebt opgebouwd in de oude regeling. Dit vormt samen het levenslange partner­pensioen.
  • Daarnaast krijgt je partner een tijdelijke uitkering van 5.000 euro per jaar. Deze uitkering stopt zodra je partner de AOW-leeftijd bereikt. 
  • Elk kind krijgt 10 procent van het salaris dat meetelt voor je pensioen. Is ook de andere ouder overleden? Dan krijgt elk kind 20 procent. Daarnaast krijgen je kinderen het wezenpensioen dat je mogelijk hebt opgebouwd in de oude regeling. De maandelijkse uitkering stopt zodra je kind 25 jaar is.

 

Als je met pensioen gaat

  • Het partnerpensioen is 50 procent van jouw ­pensioen. Tenzij jij en je partner bij de start van je pensioen kiezen voor een andere verdeling. Het partnerpensioen komt uit je pensioenpot. Heb je geen partner als je met pensioen gaat? Dan wordt jouw pensioen automatisch hoger.

Nieuwe regels:
dit is wat ze betekenen voor je gezin

We hopen natuurlijk dat je in goede gezondheid je pensioen haalt. En dat je daar nog jaren van kunt genieten. Maar stel: je overlijdt. Dan is het fijn om te weten dat het goed is geregeld voor je eventuele partner en kinderen. Ook met de nieuwe regels voor pensioen.

 

Zo werkt het straks
Kom je te overlijden? En heb je een partner? Dan krijgt je partner een uitkering van ons: het partnerpensioen. Heb je ook kinderen? Dan krijgt elk kind een wezen­pensioen tot je kind 25 wordt. Je salaris bepaalt straks de hoogte van het partner- en wezenpensioen.

Een andere belangrijke verandering: in de nieuwe regeling is er geen opbouw van partner- en wezenpensioen, maar is het voor je verzekerd. Verlaat je de sector? En bouw je geen pensioen op bij een nieuwe werkgever? Dan loopt de verzekering maximaal zes maanden door, zonder dat je daarvoor betaalt. Ontvang je een werkloosheids- of ziektewetuitkering? Dan blijf je verzekerd zolang de uitkering loopt, met een maximum van twee jaar. Je kunt de verzekering ook vrijwillig laten doorlopen. De kosten houden we vanaf dat moment in op je pensioenpot.

 

Extra zekerheid voor je partner
Ook in de nieuwe regeling kun je kiezen voor tijdelijk extra partnerpensioen (ook wel Anw-hiaatpensioen genoemd). Jij of je werkgever betaalt dan maandelijks een premie voor deze verzekering. Daarmee krijgt je partner een extra uitkering als je overlijdt. Dus boven op het gewone partnerpensioen. En boven op een eventuele Anw-uitkering van de overheid. Het tijdelijk extra partnerpensioen loopt door tot je partner de AOW-leeftijd bereikt.

Dit krijgen je partner en kinderen als je overlijdt

Zolang je werkt in deze sector

  • Je partner krijgt 20 procent van het salaris dat meetelt voor je pensioen. Plus het partner­pensioen dat je mogelijk hebt opgebouwd in de oude regeling. Dit vormt samen het levenslange partner­pensioen.
  • Daarnaast krijgt je partner een tijdelijke uitkering van 5.000 euro per jaar. Deze uitkering stopt zodra je partner de AOW-leeftijd bereikt.  
  • Elk kind krijgt 10 procent van het salaris dat meetelt voor je pensioen. Is ook de andere ouder overleden? Dan krijgt elk kind 20 procent. Daarnaast krijgen je kinderen het wezenpensioen dat je mogelijk hebt opgebouwd in de oude regeling. De maandelijkse uitkering stopt zodra je kind 25 jaar is.

 

Als je met pensioen gaat

  • Het partnerpensioen is 50 procent van jouw ­pensioen. Tenzij jij en je partner bij de start van je pensioen kiezen voor een andere verdeling. Het partnerpensioen komt uit je pensioenpot. Heb je geen partner als je met pensioen gaat? Dan wordt jouw pensioen automatisch hoger.

Vraag aan de consulent 
ROB VAN DER WAL

Kunnen het partner­pensioen en wezen­pensioen ook één keer per jaar ­omhoog of omlaag?

‘Ja, zodra het partner- en wezenpensioen zijn ingegaan, kunnen ze één keer per jaar omhoog of omlaag. Dat werkt net als bij het pensioen voor jezelf. En met dezelfde beschermingsmaatregelen.’

Vraag aan de consulent
ROB VAN DER WAL

Kunnen het partner­pensioen en wezen­pensioen ook één keer per jaar ­omhoog of omlaag?

‘Ja, zodra het partner- en wezenpensioen zijn ingegaan, kunnen ze één keer per jaar omhoog of omlaag. Dat werkt net als bij het pensioen voor jezelf. En met dezelfde beschermingsmaatregelen.’

Arrow-prev Arrow-next